woensdag 22 april 2015

De leugen van het vinkje....

Er is al best veel over geschreven, maar ik merk dat nog steeds heel veel mensen niet weten hoe het werkt met dat Vinkje. Op producten in de supermarkt zijn producten te vinden waar een vinkje op staat. Dat vinkje staat daar dan om duidelijk te maken dat je hier te doen hebt met producten die een gezondere keuze binnen een bepaalde productgroep (het groene vinkje) vertegenwoordigen of producten met het blauwe vinkje die staan voor een bewuste keuze binnen een productgroep.


Hoe zit het dan precies?
De website van 'Het Vinkje' meldt het volgende: Een gezond voedselaanbod en eetpatroon hebben direct impact op onze gezondheid. In 2003 riepen de World Health Organization (WHO) en Food Agriculture Organization (FAO) de voedingsmiddelenbranche op de gezondere keuze voor mensen gemakkelijker te maken. In 2006 presenteerden organisaties uit de voedingsindustrie, retail en foodservice een eenvoudig en herkenbaar logo: het Ik Kies Bewust-logo, nu bekend als het Vinkje. Het voedselkeuzelogo is inmiddels genotificeerd in Europa en opgenomen in de Warenwet. Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) ondersteunt het keurmerk.

Dat was wellicht ooit een mooi idee, maar als de uitwerking ervan totaal binnengehaald wordt door de commercie van grote bedrijven zoals Unilever en consorten met het doel de consument hun producten te laten kopen, slaat het uiteindleijk volledig de plank mis. Want ik zeg het nog maar eens: het gaat de voedselindustrie nooit om gezondere producten voor u en mij, maar altijd om geld verdienen. 

En wie er ook aan verdient, is communicatieadviesbureau Schuttelaar en Partners, het bureau achter het Vinkje. En wat is nu zo mooi? Het bureau zoekt niet geheel objectief uit welke producten er in aanmerking komen voor het vinkje op basis van een lijst met criteria, maar bedrijven kunnen tegen betaling het logo op hun product krijgen. De kosten voor een producent variëren tussen de 1800 tot 90.000 euro per jaar. Zo! 

Gezond
En hoe zit het dan met de echt gezonde producten, dus de producten waar geen industrie mee bezig is geweest, die niet in een pakje of zakje zitten? Ja zeker, ik heb het over de paprika, de appel, het koteletje, het hamlapje etcetera. Inderdaad, die krijgen geen vinkjes want dat is veel te duur voor de producent ervan..

En dan is er altijd nog Albert Heijn, de winkel waar ik bewust niet kom, die heeft het nog slimmer bekeken. Die heeft namelijk zijn eigen vinkje bedacht. Het lijkt als twee druppels water op het 'echte' vinkje, maar AH hoeft daar niets voor te betalen en kan het fijn op alle producten plaatsen.


En zo worden we met z'n allen weer vreselijk voor de gek gehouden. Ik kies bewust, ik koop geen pakjes en zakjes!



dinsdag 31 maart 2015

Kartonnen sausjes

Nou zou je toch denken dat Het Nederlandse Aspergecentrum vooral de pure asperge aan de man wil brengen; juist het ambachtelijke van de teler wil benadrukken; dat asperges juist daarom zo lekker zijn. Ja toch? Waarom infiltreert industrieel Unilever dan weer in deze wereld, net zoals Unilever infiltreert in Het Voedingscentrum?

het witte goud

Ik zie in de nieuwste uitgave van Proef de Lente van Het Nederlandse Aspergecentrum, nog voordat hoofdsponsoren in the picture zijn geweest, een pagina waar een levensgroot logo van Knorr boven hangt.

Snappen de mensen van het Aspergecentrum niet dat asperges niet lekkerder worden met zo'n vies kartonsausje van Knorr? En dan staat er ook nog bij "kokkerellen met Knor". Als er iets niet kokkelrellen is dan is het wel zo'n sausje van Knorr. Het Aspergecentrum doet zijn best om de asperges boven de rivieren aan de man te brengen want gek genoeg, daar eten men nog niet zoveel asperges. Dat gaat niet lukken als je je naam verbindt aan die van Knorr.

En terwijl een goed alternatief zo gemakkelijk is: Hollandaise saus!
Dit heb je nodig: 2 eidooiers, een lepel citroensap, een lepel azijn, 100 g boter en een beetje zout en peper.

Eigelen met zout en peper in je blender en, zo goed en zo kwaad als dat gaat, wat doorroeren in de blender. Is wat weinig voor mijn blender tenminste. De citroen en azijn verwarm je tot net aan de kook. Dat giet je bij het eimengsel met een lopende blender. In een pannetje laat je de boter smelten, mag niet gaat braden! Zo laat je het staan tot je de asperges klaar hebt om op te dienen. Dan zet je de blender weer aan en giet je de boter er in een dun straaltje bij. Zo gemakkelijk kan het zijn!

Jaaa, koekjes!

Blijft toch altijd leuk om koekjes te bakken. Er is alleen een probleempje, als ze lekker zijn blijf je ervan dooreten... Afgelopen weekend vond ik een oud receptje, je kent dat wel als een vodje dat in je kookboekje is blijven steken. Toen je het erin stak dacht je dat je het recept binnenkort wel zou gaan maken. Een jaar of 10 later kom je het nog eens tegen en heb je het nog nooit gemaakt. En dan is het menens: of je maakt het nu of het recept gaat de prullenbak in.

Hoewel op dat moment de meeste recepten optie twee ondergaan, maakte ik van het weekend deze koekjes. En de reden dat ik het recept heb bewaard was de juiste: deze koekjes leken niet alleen lekker, ze waren het ook. En, voor variatie vatbaar want de kokos kun je bijvoorbeeld vervangen door amandelmeel en de vruchtjes kunnen ook vervangen worden door chocolade.


125 g gesmolten boter      
100 g rietsuiker
1 ei
200 g bloem
2 tl bakpoeder
50 g gedroogd fruit
50 g gemalen kokos

Oven voorverwarmen op 200 graden
Klop de boter en de rietsuiker door elkaar en klop vervolgend het ei erdoor. Roer daar de bloem en de bakpoeder doorheen. Als laatste de kokos en de vruchtjes erdoor roeren.



Maak met je hand steeds balletjes van het deeg ter grootte van een walnoot en druk die op de bakplaat een beetje plat. Plaats de koekjes minimaal een cm van elkaar.

Bak de koekjes in 15 minuten gaar en goudbruin. Als ze afgekoeld zijn worden ze knapperig.


maandag 30 maart 2015

Kipragout

Thuisafgehaald.nl is een leuk initiatief dat thuiskoks in de gelegenheid stelt om hun gerechten in de buurt aan te bieden. Ik doe nu zo'n vier maanden mee en ik heb bijna 100 maaltijden aangeboden. Hoe werkt het? Alles begint met een registratie. De kok registreert zich en biedt een maaltijd aan. Hij zet erbij wat hij maakt, voor welke dag en het tijdsbestek waarin de maaltijd opgehaald kan worden. Hij geeft ook aan tot welke dag en uur de bestellingen gedaan kunnen worden en hoeveel het kost. Bovendien geeft de kok nog het aantal porties aan dat hij in de aanbieding heeft.


Dan de afhaler hij registreert zich. Van nu af aan ontvangt hij iedere dag een mail met de maaltijden die er in zijn buurt worden aangeboden en de aanbiedingen van de koks die hij volgt.Op een dag ontvangt hij dan ook een mail van de maaltijd die de kok hierboven heeft aangeboden. Hij ziet precies wat er aangeboden wordt, hoeveel het kost en al de andere info die de kok hierboven heeft aangegeven. Maar, de afhaler ziet ook hoeveel porties er nog over zijn (bijvoorbeeld 8/12: betekent dat er nog 8 van de oorspronkelijk aangeboden 12 porsties over zijn).

Dan bestelt de afhaler vier porties. Hij geeft daarbij aan hoe laat hij het komt halen. Hiervan krijgt de kok een bericht en deze kan de bestelling accepteren of weigeren. Meestal zal de kok accepteren en de deal is rond! Na afloop krijgt de afhaler nog een mail waarmee hij de kok gemakkelijk kan bedanken. Klaas is Kees!

Je kunt via Thuisafgehaald ook Huiskamerrestaurants kenbaar maken. Dat ga ik heel binnenkort ook een keer plannen, leuk!

Nu een recept dat ik laatst maakte voor thuisafgehaald.



Kipragout in bladerdeeg met rijst en salade

50 g bloem
50 g roomboter
250 g ge bakken kipfilet met beetje kerrie
500-750 ml kippenbouillon
Verse bladpeterselie
worcestershiresaus
100 ml slagroom
champignons (in vieren gesneden en gebakken)
bosuitjes
citroensap & -rasp
4 bladerdeegplakjes

Maak een roux van de bloem, roomboter en bouillon en slagroom. Bouillon koud toevoegen en in een plons een flinke hoeveelheid. Dan voeg je peterselie, worcestershiresaus, champs, citroensap en -rasp toe, alles naar eigen smaak.

Ondertussen heb je de oven voorverwarmd op 200 graden. Je zet vier vuurvaste kommetjes op hun kop op het rooster, die vet je aan de buitenkant in en daar drapeer je  een plakje bladerdeeg om heen. Prik gaatjes in het deeg. Kwartiertje in de oven en je hebt bakjes waar de ragout in gegoten kan worden.

Ik had hier verder nog rijst en een groene salade bij. De bosuitjes zijn om de ragout verder mee te garneren.

donderdag 19 maart 2015

Indisch gehaktbrood

Ooit studeerde ik Nederlands en woonde net over de rand van Amsterdam in Amstelveen in een studentenhuis. Daar is mijn kookpassie pas echt goed op gang gekomen. Ik vond het altijd al wel leuk om lekkere salades te maken, maar daar op Uilenstede was het uit den boze om met pakjes of zakjes te koken en dat kreeg je te horen ook als je eens wel een zakje had! Een klein kookclubje aldaar werd steeds gekker omdat we steeds leuker en mooier wilden.

Uit die tijd stamt ook het recept van Indisch gehaktbrood. Toen ik dit laatst op Thuisafgehaald aanbood aan mijn klanten, kreeg een berichtje op Facebook van mijn buurmeisje uit die tijd: ze kon zich nog herinneren dat dat heel lekker was! Soms is Facebook best leuk!



Hierbij het recept (voor 4 pers):

500 g hoh gehakt              oud witbrood, fijgemalen
1/2 zakje nasikruiden       3 el ketjap manis
50 g rauwe boerenham     flinke mespunt sambal
2 eieren

Nasikruiden minimaal 10 minuten in een halve dl laten wellen. Ham fijnsnijden. Gehakt kneden met alle overige ingrediënten. In cakevorm doen. Minimaal 1 uur in de koelkast laten rusten.
Oven voorverwarmen op 200 graden. Gehakt brood in ongeveer 30 minuten in het midden van de oven bakken (kerntemperatuur van 75 graden) gaarbakken.

En wat is daar lekker bij? Satésaus natuurlijk, en echte coleslaw. Dan kun je er ook nog rijst of gebakken aardappels bij doen.

Satésaus zoals ik hem het lekkerste vind.
In steelpan met olie een teentje knof bakken, daarbij laat je een uitje, heel kleingesneden, meefruiten. Als de ui lekker glazig is, dan voeg je een paar flinke scheppen pindakaas toe. Roeren tot de pindakaas zacht is. Dan zet je het vuur uit en voeg je net zoveel melk toe dat het weer een lekkere saus is (eerst wordt het veel dikker). Dan voeg je naar smaak het volgende toe: bruine basterdsuiker (of goela djawa), citroensap en -rasp, ketoembar (veel), laos (veel), sambal, Thaise vissaus of trassie en peper en zout natuurlijk. Goed roeren en daarna pas het vuur weer aanzetten en laten koken. Klaar!

En de coleslaw is eigenlijk nog gemakkelijker: Witte kool (gehakt), wortel (geraspt) en een klein rood uitje (gehakt) bij elkaar doen. Sausje maken van mayo, yoghurt, gembersiroop, citroensap en -rasp en peper en zout. Bij het wittekoolmengsel en een nachtje laten intrekken.

woensdag 19 november 2014

Oude kookboeken

Onlangs, bij het leegmaken van mijn ouderlijk huis, vond ik het kookboek van mijn moeder. Het kookboek van de Amsterdamse huishoudschool (12e druk) van net na de oorlog. Het was blijkbaar een Sinterklaascadeautje geweest van mijn vader vlak nadat beiden getrouwd waren want het gedicht in (overduidelijk) het handschrift van mijn vader, zat er nog in. Een plagerijtje over tuinbonen die mijn moeder blijkbaar eerder had verprutst. Mijn vader had naar aanleiding van dat incident aangenomen dat ze wel een kookboek kon gebruiken. Dat mijn opa al eerder zijn medeleven met mijn vader had uitgesproken omdat mijn moeder, als ambtenaar, waarschijnlijk slechts puzzels kon koken, zal daar niet bij hebben meegespeeld.

Met of zonder kookboek, mijn moeder heeft zich nooit meer aan tuinbonen gewaagd.


Maar waarom ik dat kookboek hier nu ter sprake breng is het volgende: natuurlijk wordt er voornamelijk uitgelegd hoe je het dagelijkse eten kookt. Maar het viel mij op dat er ook erg veel gemeld wordt over de manieren van tafeldekken, menuvolgordes, tafelinrichting (waar dient het verschillende bestek te liggen bij uitgebreide menu's) verschillende fornuizen (oa het uit Zweden afkomstige AGA-fornuis!) en kooktechnieken. Het gasfornuis had klaarblijkelijk nog niet zo lang geleden haar intrede gedaan want daarover werd verteld: "Tot de meer moderne verwarmingstoestellen behoren de gastoestellen en gasfornuizen, die grote voordelen bieden, maar welker nadelen we toch ook niet onbesproken mogen laten." Het is een beetje onduidelijk wat die nadelen dan zijn. Het grootste bezwaar dat ik hier lees is: "Het is raadzaam steeds voor voldoende ventilatie te zorgen, daar anders te veel vocht in de omgeving zou komen, een bezwaar dat waarlijk niet gering geacht moet worden." Dat lijkt me nogal mee te vallen, mits natuurlijk voor kwaliteitstoestellen wordt gekozen.

Maar wat mij vooral aan dat kookboek verbaasde was dat er recepten en ingrediënten in staan waarvan ik altijd had gedacht dat die pas veel later ons land binnen waren gedrongen, zoals rode en groene paprika. In het boekje over 50 jaar paprika dat de telersvereniging Colourfull taste dit jaar uitbracht, staat dat teler Nico Jansen een van de eersten in Nederland was die overstapte op de paprikateelt. Hij bracht in 1963 zijn eerste tien kistjes met elk tien paprika's naar de veiling. Dat boekje vermeldt daarbij dat de Nederlander vóór 1960 bijna geen paprika at en dat het een "schaars, exotisch en duur product" was. Wat er verkocht werd lag bij de betere groentewinkel en kwam 's zomers uit Italië, in het najaar uit het Oostblok en 's winters uit Afrika.

Denk je even in: een versproduct dat duizenden kilometers aflegt, is nu niet zo raar meer, maar in 1950 (ik kan niet precies achterhalen van welk jaar deze druk is), hoe deden ze dat?

vrijdag 10 oktober 2014

Smeersels en smeersels

Smeersels zijn leuk! En aangezien ik het leuk vind om ze te maken en gezellig vind om ze te serveren, heb ik niet alleen een hele verzameling kleine bakjes,maar ook een grote lijst van recepten van smeersels: hummus, tapenade, aubergine mousse, kruidenboter, maar ook zaken als dukkha (bij dukkha doop je eerst en daarna dip je).


En smeersels kunnen overal bij: je kunt ze gebruiken als borrelhapje, maar ook als amuse hapje, zodat je gasten nog meer trek krijgen dan ze al hadden. En het laatste punt waarom ik ze zo leuk vind is dat je het besmeerde ook nog op legio manieren kunt variëren. Want ga maar na: de aloude toastjes, stokbrood, tegenwoordig ook al aardig traditioneel, Turks brood, Italiaanse grissini, kleine soepstengeltjes waarmee je lekker kunt dippen. En dit is nog maar een kleine opsomming, geloof me er is nog zo veel meer te bedenken en daardoor steeds weer vernieuwend voor je gasten.

Een best lekker smeersel-in-een-potje is Heks'nkaas. Best lekker zeg ik, want zelf gemaakt is natuurlijk altijd lekkerder! Maar de fabrikant van de spul is niet zo van het namaken.... Hij daagt een concurrent voor de rechter vanwege het auteursrecht van zijn product.Volgens Heks'nkaas lijkt de smaak en geur van De Witte Wievenkaas van Smilde te veel op Heks’nkaas. Uitspraak is nog niet geweest, maar als Heks'nkaas gelijk krijgt, mag je het dan zelf nog wel "namaken"?

Hier 'een' recept van witte kaas met verse kruiden en knof:

Benodigdheden:
bieslook
peterselie
munt
mayonaise
verse kaas
mascarpone
scheutje citroensap
beetje suiker
scheutje gembersiroop
(veel) knoflook

Roer alles naar eigen smaak door elkaar en varieer met fijngesneden, gedroogde tomaatjes of kerrie.

dinsdag 10 juni 2014

Bitterballen

Stel je het even voor: je bent op een bijeenkomst waar heerlijke borrelhapjes worden geserveerd, die er ook nog eens prachtig uitzien. Maar de, voornamelijk, heren in het gezelschap (over het algemeen welgesteld)missen duidelijk iets. Na enig heen en weer gepraat schiet een van de heren de serveerster aan. Ongeveer een kwartier later wordt er een schaal met bitterballen binnengebracht en gaat er een gejuich op...

Ik bevond me enige tijd geleden in deze situatie en ik moet zeggen dat ik me behoorlijk geneerde voor het gezelschap waarin ik verkeerde. Mijn toenmalige Amsterdamse werkkring verkoos fabrieksmatige, diepvries bitterballen boven de heerlijk gemarineerde biefstuk en dat soort spul van het betere soort.

Nu ben ik zelf al helemaal geen fan meer van bitterballen dan wel kroketten nadat ik in mijn jeugd ooit bij de befaamde Snackbar Handjes van een kroket heb gegeten die niet goed meer was. Dat speelt mee. Toch heb ik mij dit weekend aan het maken van bitterballen gewaagd en wel aspergebitterballen. En ik mag wel zeggen dat deze prima gelukt zijn. Dat is dan ook wel wat anders dan die diepvries-ellende: een mooie goudgele bal met een mooi los, krokant omhulsel van Panko (Japans paneermeel).




Recept
Bereiding ragout: Laat de boter smelten en uitbruisen zonder te kleuren. Laat wat kerriepoeder even fruiten en voeg (van het vuur) de bloem in een keer toe. Roer met een spatel de bloem door de boter en gaar dit op laag vuur. De roux is gaar als deze loslaat van de bodem en wat 'zanderig' aanvoelt. Laat de roux afkoelen. Bereiden Breng de bouillon aan de kook. Snijd ondertussen de asperges in stukjes van 1/2 cm. Giet 1/3 van de hete bouillon bij de koude roux en roer het geheel glad. Voeg de overige bouillon toe in 2 of 3 delen en roer de massa glad. Breng de 'salpicon' aan de kook tot deze borrelt en haal de pan van het vuur. Breng de salpicon hoog op smaak, vooral de kerrie en gember moet aanwezig zijn(!) en voeg asperges en gehakte peterselie toe. Smeer de salpicon uit op een plaat en besmeer deze met boter. Laat de salpicon afkoelen en verwerk deze tot kroketten, bitterballen of ragout-broodjes. De kroketjes minimaal 2 uur laten opstijven in de koelkast voor gebruik. Verhit een frituurpan op 170° C. Bak de kroketjes mooi bruin, laat ze even op keukenpapier uitlekken en serveer met peterselie of op een mooi bordje met aspergegarnituurtje.

maandag 10 maart 2014

Hapjes

Je kunt wel zeggen dat het een hype is: er moeten hapjes geserveerd worden op feestjes. Vroeger deden we het met een toastje met Franse kaas of een plakje worst, maar dat is allemaal zo gewoontjes tegenwoordig. Je moet echt wel 'hapjes' hebben. Maar ja, dat is in onze snelsnelsnel, drukdrukdruk-maatschappij toch wat lastig, want hapjes zijn op z'n minst arbeidsintensief. En als we aan ons avondeten al geen tijd willen besteden, hoe moet het dan met die hapjes?

Maar wat je door de week kunt, kun je natuurlijk ook voor een partijtje: je koopt je gemak gewoon in! Ja wel, je hebt het gezien op het feestje van die leuke kennis: die had zulke lekkere, maar vooral fantastisch ogende hapjes! Zo willen we allemaal wel voor de dag komen.


Dus op zoek naar een cateraar die dat voor jou kan verzorgen. Leuk hoor, er zijn er legio in de regio en ze hebben allemaal foto's van de meest lekkere hapjes die er nog keck uitzien bovendien. Echt iets voor jou denk je nog, dus hopla je plaatst een offerte-aanvraag en, omdat je er geen omkijken naar wilt hebben, laat je de cateraar ook nog uitserveren. En dan komt de man van de cateraar om de offerte door te spreken en het wordt je al snel te machtig want wat zie je? Voor zo'n avondje vraagt die man wel 1200 euro! Hoe kan dat nou, gewoon een paar hapjes voor 50 man!

Dat wordt em dus niet, wat dan wel? Zelf aan de slag? Dacht het niet. Nee, je gaat op zoek naar iemand die het goedkoper kan. Dan maar niet uitgeserveerd, zet het maar gewoon voor de hele avond neer. Als het maar wel veel lijkt, want je wil toch niet karig overkomen bij je gasten. Nou ja, je kunt wel ongeveer raden wat er dan op tafel komt en hoe dat er na verloop van de avond uitziet.

Zo jammer dat we ons min of meer gedwongen voelen om mee te doen met een hype, maar dan door de kosten moeten kiezen voor spul waar onze ouderwetse toastjes met Franse kaas nog goed bij afstaken. Natuurlijk is het leuk als je op een leuk feestje ook een leuk hapje kunt serveren en nee, dat kan de doorsnee huisvrouw niet zo mooi als een professional. Maar als je er dan toch voor gaat, doe het dan goed en kies voor kwaliteit! Zoals in het begin gemeld: hapjes maken is een arbeidsintensief werk en dat moet ergens betaald worden. Zo niet, dan krijg je fabrieksspul uit een zak van de groothandel. Dat oogt dan wellicht nog wel aardig, maar lekker is het zeker niet!

woensdag 20 november 2013

De hooikist

Eigenlijk maakte ik er in vereenvoudigde vorm al eens gebruik van toen ik voor mijn fietsers in Frankrijk kookte, de hooikist. Toen diende ik iedere middag een soepservice op locatie te serveren. Maar hoe serveer je een lekkere soep (dus niet uit een pakje) als je om 9.00 uur je boeltje op de camping bijeen pakt, boodschappen moet doen, de route van de fietsers moet narijden en om ongeveer één uur op de route de lunch met soep moet opdienen?

Mijn voorgangers bij wie ik zelf in de fietsgroep had gezeten, gaven een slecht voorbeeld: soep met ongare groente erin, terwijl ik toch ook niet als een van de eersten op de lunchplaats aankwam. Nee, dat moest anders. Mijn collega Harry gaf de tip. En zo maakte ik de soep vóór het ontbijt, als de pan echt van het vuur moest omdat de keuken werd opgeruimd, wikkelde ik hem in paardendekens en zo werd de soep vervoerd. In de pan gaarde en trok de soep op een fijn temperatuurtje door en was na ongeveer vier uur heerlijk op smaak. Kind kon zodoende de was doen want ter plaatse hoefde ik niets anders te doen dan de pan uit te pakken.

Vroeger gebruikte men een hooikist. Omdat hooi ook een slechte warmte geleider is, deed die uitstekend dienst en noemde men de kist dus een hooikist. En dat is zo lang nog niet geleden, hoor. In het kookboek dat ik erfde van mijn moeder (Wannee kookboek van net na de oorlog, de twaalfde druk) werd de hooikist nog als gangbare keukenhulp beschreven. En het is zo mooi om te lezen wat de schrijfster al voordelen opnoemt:



Maar, hoe heb ik mijn hooikist nou gemaakt? Ik heb het mezelf niet te moeilijk gemaakt: kist gekocht bij Xenos. Niet geheel volgens de letter der wet zoals mijn vader zijn kistjes maakte, maar voor die prijs moet je niet zeuren. Bij de Action een eenpersoonsdekbed en een hoofdkussen aangeschaft. Klaar was Kees!

En toen uitproberen: ik maakte kippensoep. In de pan de groenten (wortel, bleekselderij, ui, prei), specerijen en kruiden (foelie, peper en peterselie) en kippenpoten goed heet laten worden (koken) en toen in de ‘hooikist’. Mevrouw Wannee. Van het kookboek meldt uitdrukkelijk dat je de kist tussendoor niet moet openen omdat je dan kostbare warmte verliest, maar toch... Na bijna twee uur toch maar eens gekeken en wat zei mijn thermometer? De temperatuur was van 100°C gezakt naar 85°C. En na 4 uur was er nog een temperatuur te bewonderen van 75°C. Toen de pan buiten gezet, in deze tijd van het jaar mijn natuurlijke koelkast, en goed laten afkoelen. Het resultaat was uitstekend!

En wat kan er verder allemaal mee: bijna alles. Want wij denken maar dat groente, aardappelen en dingen als rijst de hele garingstijd dienen te koken. Fout! Het gaart ook al bij een temperatuur van 70°C, maar dan duurt het alleen wat langer. Mooi systeem, die hooikist (of is het nou een dekbedkist?) en ik denk dat ik hem erg vaak ga gebruiken!

En als aanvulling dan nog: dit weekend gaarde ik aardappels en stoofpeertjes, liet ik tomatensoep trekken en gaarde ik mijn kipfilets in honing-lavendeljus erin af. Deze laatste was me een paar weken geleden zo hard gegaan dat de filets nog wel te eten waren, maar het braadvocht geheel verbrand. Nu had ik heerlijk malse kipfilets in een lekkere saus!